Ruim drie jaar geleden werd ik binnen TenneT gevraagd een team op te zetten voor een netuitbreidingsproject in Noord-Holland. Een uniek stukje Nederland, en dus een unieke opgave.
Column
Tegelijkertijd is de opgave urgent. We hebben een sterker stroomnet nodig om huizen, bedrijven, scholen en ziekenhuizen van stroom te blijven voorzien en de energietransitie mogelijk te maken. Dus blijven we zoeken naar balans in ons project: een begrijpelijk proces, met ruimte voor inbreng op de juiste momenten, en genoeg vaart om het doel te halen.
We zijn nog niet bij het eindstation. Maar elke bocht die we nemen, doen we met aandacht. En met het vaste voornemen om de rit niet alleen veilig en doelgericht te laten verlopen, maar ook zo dat iedereen begrijpt waar we zijn en waarom.
Precies daarom kozen we voor een stapsgewijze aanpak. Van breed naar smal. Elke stap zo uitgelegd dat hij te volgen is, zodat we samen met bewoners, overheden, natuur- en belangenorganisaties kunnen toewerken naar een feitelijke lijn van A naar B. Het tempo is belangrijk, maar het begrip en de betrokkenheid zijn dat ook.
Inmiddels is de achtbaan de eerste helling voorbij. Met de publicatie van de onderzoeksalternatieven hebben we de eerste looping genomen. Voor sommigen gaat de rit misschien te hard, en dat begrijp ik maar al te goed. Als projectleider ben ik er dagelijks mee bezig. Dat kan en mag ik van bewoners niet verwachten. In mijn eigen woonplaats ben ik ook niet elke dag bezig met alles wat de gemeente van plan is.
De start van het project voelde als het moment dat je karretje langzaam de eerste helling op wordt getakeld. Klik, klik, klik. Hier wordt de spanning opgebouwd en hier bepaal je de snelheid voor de rest van de rit. In een van onze allereerste informatiebijeenkomsten kwam de vraag: ‘Waarom staan er nog geen lijnen op de kaart? Dáár kan ik tenminste iets van vinden.’ Een half jaar later, toen we van zoekgebieden naar onderzoekscorridors waren gegaan, volgde de omgekeerde vraag: ‘Waarom staan er zóveel lijnen, en niet gewoon één?’
Wie mij een beetje kent, weet dat ik een zwak heb voor themaparken. De vergelijking met een achtbaan is snel gemaakt. In het weekend stort ik me graag in het diepe, om de creativiteit en techniek achter zo’n rit te bewonderen. En juist die combinatie van creativiteit én complexiteit maakt mijn werk zo mooi.
Ruim drie jaar geleden werd ik binnen TenneT gevraagd een team op te zetten voor een project in Noord-Holland. Het stroomnet raakte, net als in andere delen van Nederland, vol. Er moet een nieuwe 380.000 volt verbinding komen naar het noorden van Noord-Holland. Al vanaf dag één was duidelijk: dit wordt groot. Niet alleen vanwege de lengte van de verbinding en de omvang van de hoogspanningsstations, maar vooral door het gebied waar we doorheen werken: twee werelderfgoederen, natuurgebieden, steden, historische kernen en lintdorpen. Een uniek stukje Nederland, en dus een unieke opgave.
Column
Column
Ruim drie jaar geleden werd ik binnen TenneT gevraagd een team op te zetten voor een netuitbreidingsproject in Noord-Holland. Een uniek stukje Nederland, en dus een unieke opgave.
Tegelijkertijd is de opgave urgent. We hebben een sterker stroomnet nodig om huizen, bedrijven, scholen en ziekenhuizen van stroom te blijven voorzien en de energietransitie mogelijk te maken. Dus blijven we zoeken naar balans in ons project: een begrijpelijk proces, met ruimte voor inbreng op de juiste momenten, en genoeg vaart om het doel te halen.
We zijn nog niet bij het eindstation. Maar elke bocht die we nemen, doen we met aandacht. En met het vaste voornemen om de rit niet alleen veilig en doelgericht te laten verlopen, maar ook zo dat iedereen begrijpt waar we zijn en waarom.
De start van het project voelde als het moment dat je karretje langzaam de eerste helling op wordt getakeld. Klik, klik, klik. Hier wordt de spanning opgebouwd en hier bepaal je de snelheid voor de rest van de rit. In een van onze allereerste informatiebijeenkomsten kwam de vraag: ‘Waarom staan er nog geen lijnen op de kaart? Dáár kan ik tenminste iets van vinden.’ Een half jaar later, toen we van zoekgebieden naar onderzoekscorridors waren gegaan, volgde de omgekeerde vraag: ‘Waarom staan er zóveel lijnen, en niet gewoon één?’
Ruim drie jaar geleden werd ik binnen TenneT gevraagd een team op te zetten voor een project in Noord-Holland. Het stroomnet raakte, net als in andere delen van Nederland, vol. Er moet een nieuwe 380.000 volt verbinding komen naar het noorden van Noord-Holland. Al vanaf dag één was duidelijk: dit wordt groot. Niet alleen vanwege de lengte van de verbinding en de omvang van de hoogspanningsstations, maar vooral door het gebied waar we doorheen werken: twee werelderfgoederen, natuurgebieden, steden, historische kernen en lintdorpen. Een uniek stukje Nederland, en dus een unieke opgave.
Wie mij een beetje kent, weet dat ik een zwak heb voor themaparken. De vergelijking met een achtbaan is snel gemaakt. In het weekend stort ik me graag in het diepe, om de creativiteit en techniek achter zo’n rit te bewonderen. En juist die combinatie van creativiteit én complexiteit maakt mijn werk zo mooi.
Precies daarom kozen we voor een stapsgewijze aanpak. Van breed naar smal. Elke stap zo uitgelegd dat hij te volgen is, zodat we samen met bewoners, overheden, natuur- en belangenorganisaties kunnen toewerken naar een feitelijke lijn van A naar B. Het tempo is belangrijk, maar het begrip en de betrokkenheid zijn dat ook.
Inmiddels is de achtbaan de eerste helling voorbij. Met de publicatie van de onderzoeksalternatieven hebben we de eerste looping genomen. Voor sommigen gaat de rit misschien te hard, en dat begrijp ik maar al te goed. Als projectleider ben ik er dagelijks mee bezig. Dat kan en mag ik van bewoners niet verwachten. In mijn eigen woonplaats ben ik ook niet elke dag bezig met alles wat de gemeente van plan is.