De kracht van samenwerking
In het middagprogramma waren voornamelijk onze partners aan zet en was er extra aandacht voor samenwerking. Een mooi voorbeeld was het participatietraject rond prefab fundamenten, waarbij vanaf het begin intensief is samengewerkt met de EU300 & EU303-partners. Zowel TenneT als de partners reageerden positief op deze manier van samenwerken. Het laat zien wat mogelijk is als partijen elkaar vroeg in het proces vinden.
Bij het modulair duurzaam centraal dienstengebouw (MDCDG) waren de partners nog kritisch over de maakbaarheid van het ontwerp. Ze gaven daarbij aan meer ruimte te willen voor aanpassingen. Iets waar TenneT voor openstaat: liever nu even vertragen dan later een ontwerp dat niet maakbaar blijkt.
Mooi was ook het eigen initiatief van de EU303-partners rond de kabelgoten bij Musselkanaal. Door gezamenlijk bottom-up verbeteringen af te stemmen en te delen, konden zij met één mond richting TenneT spreken. Dat komt een snelle en effectieve doorontwikkeling van de kabelgoten ten goede. Een mooie manier van werken, die zeker naar meer smaakt!
Vooruitkijken
De dag maakte duidelijk dat samenwerking een onmisbaar element van het standaardisatieproces is. Juist met dit soort sessies werkt TenneT eraan die samenwerking te versterken. De energie en het commitment van alle aanwezigen geven in ieder geval vertrouwen: samen kunnen we het waarmaken!
John Verduijn, Programmamanager modulair bouwen Stations en Vakwerkmasten, schetste direct de urgentie: TenneT is nog nooit zo veel in het nieuws geweest als de afgelopen jaren. De bouwopgave is groter dan de Deltawerken, dus slimmer en sneller bouwen is geen luxe, maar pure noodzaak. Standaardiseren is daarbij geen doel op zich, maar een middel om toekomstbestendig te bouwen.
Ontwikkelingen en vooruitgang
Het ochtendprogramma stond in het teken van de voortgang bij Batch 2 en ontwikkelingen aan de kant van TenneT. Verschillende specialisten namen de deelnemers mee in hun vakgebieden, van systems engineering tot EMC, van BIM tot civiele ontwerpen. De presentaties lieten zien welke stappen er worden gezet en welke updates en verbeteringen voortkomen uit de lessons learned van Batch 1.
Opvallend was de kritische maar constructieve houding van de partners. Er werden zowel inhoudelijke vragen gesteld over detailontwerpen als vragen over de samenwerking. TenneT toonde zich open om feedback te ontvangen en mee te nemen in verdere verbeteringen. Deze open dialoog is essentieel voor het slagen van het programma.
Op 6 november kwamen TenneT en haar EU-300 en EU-303 partners’ samen voor een uitgebreid programma over modulair bouwen. De dag stond in het teken van kennisdeling, samenwerking en het gezamenlijk vormgeven aan de energietransitie. Hein Jan Bocxe, Directeur PMC Industrie & PMC HS/MS-netwerken bij BAM, opende de bijeenkomst met een krachtige boodschap: modulair bouwen bij TenneT kan als vliegwiel dienen voor de hele sector. De ervaringen die hier worden opgedaan, hebben impact die veel verder reikt dan alleen deze projecten.
Updates Modulair Bouwen
samen slimmer en sneller naar de toekomst
Als Modulair Bouwen-programma hebben we de modules voor de stations uit batch 1 afgerond. Deze batch omvatte vier 380 kV-stations: Musselkanaal en Veenoord als dubbelrail met langskoppeling, en Halsteren en Boxmeer als triple-rail.
Na het opstellen van de modules voor deze eerste vier stations zijn we verder gegaan met de voorbereidingen voor batch 2. Voor de 2e batch van 36 projecten is de eisenset inclusief verificaties en validaties geactualiseerd naar de meest recente versie. Deze nieuwe set is vervolgens door AMN (Projectontwikkeling) vastgesteld en bevroren voor de komende projecten.
In deze fase zijn ook 110 kV (50kA) en 150 kV (50kA) stations om toe te passen als combistation met de 380 kV stations. Naast het updaten van de 18 bestaande modules worden er 27 nieuwe modules ontwikkeld.
Samenwerking aan het Modulair Duurzaam Centraal Diensten Gebouw (MDCDG)
Naast het standaardiseren van de verschillende veldtypes hebben we ook het centraal dienstengebouw (CDG) geüpgraded. Hiervoor hebben we de handen ineen geslagen met business unit GFN. Zowel GFN als LPN waren al met een initiatief bezig, ieder met een andere focus. Waar LPN zich vooral richtte op het toevoegen van meer duurzame elementen, hield GFN de focus sterk op modulariteit. Omdat beide business units al samenwerkten met EU300 Movares, hebben we de krachten gebundeld en zijn we als één team verder gegaan.
Het Management Forum Techniek (MFT) heeft inmiddels het detailontwerp (DO) van het MDCDG goedgekeurd. Bij de start van de ontwikkeling van het uitvoeringsontwerp (UO), dat we voortzetten met Movares, hebben we ook EU303-partners uitgenodigd om aan te sluiten. Zij zijn degenen die het ontwerp straks daadwerkelijk moeten gaan bouwen, dus hun input is zeer waardevol.
Bredere programmaontwikkelingen
Naast het standaardiseren van de verschillende veldtypen en de ontwikkeling van een nieuw MDCDG, pakken we vanuit het programma ook andere zaken op:
Kostenmodel voor S380/S110/S150-stations
Harmoniseren van de vraagspecificatie deel 1 en deel 2
Opzetten van gestandaardiseerde IDO- en CADO-lijsten
Integratie van de Roadmap Duurzaamheid en het programma Emissieloos Ontwerpen en Bouwen in Modulair Bouwen
Opzetten van een gestandaardiseerd VGM-plan voor de ontwerpfase
Lessons learned vastleggen in ProMise voor de lopende standaardisatieprojecten
Over een deel van deze ontwikkelingen lees je in deze nieuwsbrief meer. Andere thema's lichten we in de komende nieuwsbrieven verder toe.
Meer dan een technisch ontwerp
Het Programma Standaardisatie Vakwerkmasten heeft gezorgd voor een paar belangrijke veranderingen in het beleid. Deze veranderingen staan nu zwart op wit in het document 'TBD.009 - Nettechnisch beoordelingskader voor nieuwe 380/220kV-verbindingen'. Dit document geldt voor alle lopende projecten waarbij bovengrondse 380kV-verbindingen worden gebouwd.
Nieuwe beleidsuitgangspunten
Er zijn verschillende uitgangspunten toegevoegd aan het beleid voor nieuwe hoogspanningsverbindingen waaronder:
Voor alle nieuwe 380kV- en 220kV-verbindingen in Nederland wordt voortaan de vakwerkmast gebruikt, in principe uit de mastenfamilie Moldau. Deze keuze zorgt voor een uniforme aanpak en helpt om de energietransitie sneller te realiseren.
Vanaf nu geldt een belangrijk veiligheidsprincipe: het is niet langer toegestaan om meerdere verbindingen, ongeacht het spanningsniveau, in één groot mastlichaam te combineren. Door het toenemende elektriciteitstransport en de noodzaak van een betrouwbaar netwerk is het combineren van meerdere spanningsniveaus in één mastlichaam, te risicovol. Combineren zou namelijk problemen kunnen geven op het gebied van leveringszekerheid, onderhoud en stroomkwaliteit.
Bij bundeling van een nieuwe 380/220kV-verbinding met een bestaande verbinding moet een minimale afstand worden aangehouden: het onderhoudscriterium. De exacte afstand verschilt per project, maar als richtlijn geldt een gangbare minimale afstand van 48 meter hart-op-hart tussen twee parallelle mastenrijen.
Deze uitgangspunten zijn inmiddels verankerd in TBD.009 – het Nettechnisch beoordelingskader voor nieuwe 380/220kV-verbindingen (AC), versie 4.1 – en van toepassing op alle lopende nieuwbouwprojecten voor bovengrondse 380kV-verbindingen.
Paul van der Horst
Lead Engineer
Voor meer informatie over het nieuwe beleid kun je contact opnemen via modulairbouwenlpn@tennet.eu. Of raadpleeg het TBD.009 en andere technische documenten op het TenneT Standaarden portaal.
‘Als ik terugkijk naar de jaren waarin we dit nieuwe beleid en de standaard Moldau 2.0 hebben ontwikkeld, dan was het geen makkelijke periode. Ik wil graag met je delen wat volgens mij het verschil heeft gemaakt. Dat doe ik langs de lijn van de TenneT-principes: 'Eigenaarschap', 'Moed' en 'Verbinding'.
Eigenaarschap: verantwoordelijkheid nemen
Eigenaarschap bij TenneT gaat over hoe we met elkaar omgaan in de organisatie. Het gaat om de rol die je zelf pakt. Wat dit programma succesvol maakte, was het gevoel van diepe verantwoordelijkheid: wat is het beste voor TenneT? We keken daarbij vanuit de strategische vraag: hoe brengen we de energietransitie vooruit? De wettelijke taak van TenneT stond voorop.
Standaardisatie van vakwerkmasten is niet ‘gewoon’ een technische opdracht. Het vraagt om een integrale aanpak waarbij je verder kijkt. Elke keuze heeft gevolgen. Die gevolgen moesten we goed doordenken en vervolgens aanvaarden of niet. Dat vraagt om meerdere invalshoeken. Uiteindelijk is het technisch ontwerp zo optimaal mogelijk ingebed in de hele keten en in het nieuwe beleid van TenneT.
Standaardisatie doorvoeren vraagt ook om zeer consciëntieus te zijn in alle communicatie. Je moet alert zijn op signalen van binnen en buiten de organisatie. Elk issue vroeg, terecht of onterecht, om een antwoord. Door daar tijdig op te anticiperen konden we problemen verderop in het proces voorkomen. We namen de tijd voor uitleg en onderbouwden onze afwegingen goed. Daardoor ontstond uiteindelijk begrip en voorkwamen we dat projecten naar redenen zochten om af te wijken.
Moed: buiten de kaders durven gaan
De kernwaarde ‘moed’ gaat over hoe je jezelf durft uit te spreken. Voor dit programma betekende dat soms 'grensoverschrijdend' handelen. Niet in negatieve zin, maar juist positief. Buiten de kaders durven gaan. Jezelf uiten. Lef tonen.
Door positief kritisch te zijn op dingen die we 'gewoon' vinden, kregen we nieuwe inzichten. We durfden andere keuzes te maken, waardoor de standaard vakwerkmast beter tot zijn recht komt. Soms lijken het kleine veranderingen, maar uiteindelijk zijn ze groot, noodzakelijk en vernieuwend.
Maar twijfels en onzekerheden horen er ook bij. We hebben vaak gereflecteerd en gespard over inhoudelijke onderwerpen bij elke keuze. Soms trokken we de stoute schoenen aan, en gingen we voorbij aan silo's of aan de verantwoordelijkheden van anderen. Zolang de intentie zuiver is, wordt dat schijnbaar geaccepteerd en brengt dat je soms verder dan het strikt volgen van de processen.
Verbinding: samen verder komen
‘Verbinding’ kun je natuurlijk letterlijk interpreteren: een standaard vakwerkmast beoogt uiteindelijk ook een fysieke verbinding te realiseren. Maar, het betekent ook iets anders, namelijk hoe we met elkaar in verbinding staan.
Samen kom je verder. Maar, soms was het ook nodig om alleen en eigenwijs door te zetten; even uit verbinding. Dat hielp om snelheid te behouden. Toch namen we ook hier de tijd voor uitleg en onderbouwden onze afwegingen goed. Door vragen serieus te nemen konden we op begrip rekenen en bleven we in verbinding met de projecten.
Samenwerking bleek één van de grootste succesfactoren van dit programma. Want zonder jullie was het nooit gelukt. Ik dank jullie daarom van harte voor jullie bijdrage aan dit mooie resultaat.
Mogen 'Eigenaarschap', 'Moed' en 'Verbinding' het nieuwe cultureel erfgoed binnen TenneT worden!’
Standaardisatie
Vakwerkmasten
Update stations:
modules batch 1 afgerond
Terugblik bijeenkomst
Modulair Bouwen
Updates
Paul van der Horst
Lead Engineer
‘Als ik terugkijk naar de jaren waarin we dit nieuwe beleid en de standaard Moldau 2.0 hebben ontwikkeld, dan was het geen makkelijke periode. Ik wil graag met je delen wat volgens mij het verschil heeft gemaakt. Dat doe ik langs de lijn van de TenneT-principes: 'Eigenaarschap', 'Moed' en 'Verbinding'.
Updates Modulair Bouwen
De kracht van samenwerking
In het middagprogramma waren voornamelijk onze partners aan zet en was er extra aandacht voor samenwerking. Een mooi voorbeeld was het participatietraject rond prefab fundamenten, waarbij vanaf het begin intensief is samengewerkt met de EU300 & EU303-partners. Zowel TenneT als de partners reageerden positief op deze manier van samenwerken. Het laat zien wat mogelijk is als partijen elkaar vroeg in het proces vinden.
Bij het modulair duurzaam centraal dienstengebouw (MDCDG) waren de partners nog kritisch over de maakbaarheid van het ontwerp. Ze gaven daarbij aan meer ruimte te willen voor aanpassingen. Iets waar TenneT voor openstaat: liever nu even vertragen dan later een ontwerp dat niet maakbaar blijkt.
Mooi was ook het eigen initiatief van de EU303-partners rond de kabelgoten bij Musselkanaal. Door gezamenlijk bottom-up verbeteringen af te stemmen en te delen, konden zij met één mond richting TenneT spreken. Dat komt een snelle en effectieve doorontwikkeling van de kabelgoten ten goede. Een mooie manier van werken, die zeker naar meer smaakt!
Vooruitkijken
De dag maakte duidelijk dat samenwerking een onmisbaar element van het standaardisatieproces is. Juist met dit soort sessies werkt TenneT eraan die samenwerking te versterken. De energie en het commitment van alle aanwezigen geven in ieder geval vertrouwen: samen kunnen we het waarmaken!
John Verduijn, Programmamanager modulair bouwen Stations en Vakwerkmasten, schetste direct de urgentie: TenneT is nog nooit zo veel in het nieuws geweest als de afgelopen jaren. De bouwopgave is groter dan de Deltawerken, dus slimmer en sneller bouwen is geen luxe, maar pure noodzaak. Standaardiseren is daarbij geen doel op zich, maar een middel om toekomstbestendig te bouwen.
Ontwikkelingen en vooruitgang
Het ochtendprogramma stond in het teken van de voortgang bij Batch 2 en ontwikkelingen aan de kant van TenneT. Verschillende specialisten namen de deelnemers mee in hun vakgebieden, van systems engineering tot EMC, van BIM tot civiele ontwerpen. De presentaties lieten zien welke stappen er worden gezet en welke updates en verbeteringen voortkomen uit de lessons learned van Batch 1.
Opvallend was de kritische maar constructieve houding van de partners. Er werden zowel inhoudelijke vragen gesteld over detailontwerpen als vragen over de samenwerking. TenneT toonde zich open om feedback te ontvangen en mee te nemen in verdere verbeteringen. Deze open dialoog is essentieel voor het slagen van het programma.
Op 6 november kwamen TenneT en haar partners samen voor een uitgebreid programma over modulair bouwen. De dag stond in het teken van kennisdeling, samenwerking en het gezamenlijk vormgeven aan de energietransitie. Hein Jan Bocxe, Directeur PMC Industrie & PMC HS/MS-netwerken bij BAM, opende de bijeenkomst met een krachtige boodschap: modulair bouwen bij TenneT kan als vliegwiel dienen voor de hele sector. De ervaringen die hier worden opgedaan, hebben impact die veel verder reikt dan alleen deze projecten.
samen slimmer en sneller naar de toekomst
Bredere programmaontwikkelingen
Naast het standaardiseren van de verschillende veldtypen en de ontwikkeling van een nieuw MDCDG, pakken we vanuit het programma ook andere zaken op:
Kostenmodel voor S380/S110/S150-stations
Harmoniseren van de vraagspecificatie deel 1 en deel 2
Opzetten van gestandaardiseerde IDO- en CADO-lijsten
Integratie van de Roadmap Duurzaamheid en het programma Emissieloos Ontwerpen en Bouwen in Modulair Bouwen
Opzetten van een gestandaardiseerd VGM-plan voor de ontwerpfase
Lessons learned vastleggen in ProMise voor de lopende standaardisatieprojecten
Over een deel van deze ontwikkelingen lees je in deze nieuwsbrief meer. Andere thema's lichten we in de komende nieuwsbrieven verder toe.
Samenwerking aan het Modulair Duurzaam Centraal Diensten Gebouw (MDCDG)
Naast het standaardiseren van de verschillende veldtypes hebben we ook het centraal dienstengebouw (CDG) geüpgraded. Hiervoor hebben we de handen ineen geslagen met business unit GFN. Zowel GFN als LPN waren al met een initiatief bezig, ieder met een andere focus. Waar LPN zich vooral richtte op het toevoegen van meer duurzame elementen, hield GFN de focus sterk op modulariteit. Omdat beide business units al samenwerkten met EU300 Movares, hebben we de krachten gebundeld en zijn we als één team verder gegaan.
Het Management Forum Techniek (MFT) heeft inmiddels het detailontwerp (DO) van het MDCDG goedgekeurd. Bij de start van de ontwikkeling van het uitvoeringsontwerp (UO), dat we voortzetten met Movares, hebben we ook EU303-partners uitgenodigd om aan te sluiten. Zij zijn degenen die het ontwerp straks daadwerkelijk moeten gaan bouwen, dus hun input is zeer waardevol.
Als Modulair Bouwen-programma hebben we de modules voor de stations uit batch 1 afgerond. Deze batch omvatte vier 380 kV-stations: Musselkanaal en Veenoord als dubbelrail met langskoppeling, en Halsteren en Boxmeer als triple-rail.
Na het opstellen van de modules voor deze eerste vier stations zijn we verder gegaan met de voorbereidingen voor batch 2. Voor de 2e batch van 36 projecten is de eisenset inclusief verificaties en validaties geactualiseerd naar de meest recente versie. Deze nieuwe set is vervolgens door AMN (Projectontwikkeling) vastgesteld en bevroren voor de komende projecten.
In deze fase zijn ook 110 kV (50kA) en 150 kV (50kA) stations om toe te passen als combistation met de 380 kV stations. Naast het updaten van de 18 bestaande modules worden er 27 nieuwe modules ontwikkeld.
Voor meer informatie over het nieuwe beleid kun je contact opnemen via modulairbouwenlpn@tennet.eu. Of raadpleeg het TBD.009 en andere technische documenten op het TenneT Standaarden portaal.
Eigenaarschap: verantwoordelijkheid nemen
Eigenaarschap bij TenneT gaat over hoe we met elkaar omgaan in de organisatie. Het gaat om de rol die je zelf pakt. Wat dit programma succesvol maakte, was het gevoel van diepe verantwoordelijkheid: wat is het beste voor TenneT? We keken daarbij vanuit de strategische vraag: hoe brengen we de energietransitie vooruit? De wettelijke taak van TenneT stond voorop.
Standaardisatie van vakwerkmasten is niet ‘gewoon’ een technische opdracht. Het vraagt om een integrale aanpak waarbij je verder kijkt. Elke keuze heeft gevolgen. Die gevolgen moesten we goed doordenken en vervolgens aanvaarden of niet. Dat vraagt om meerdere invalshoeken. Uiteindelijk is het technisch ontwerp zo optimaal mogelijk ingebed in de hele keten en in het nieuwe beleid van TenneT.
Standaardisatie doorvoeren vraagt ook om zeer consciëntieus te zijn in alle communicatie. Je moet alert zijn op signalen van binnen en buiten de organisatie. Elk issue vroeg, terecht of onterecht, om een antwoord. Door daar tijdig op te anticiperen konden we problemen verderop in het proces voorkomen. We namen de tijd voor uitleg en onderbouwden onze afwegingen goed. Daardoor ontstond uiteindelijk begrip en voorkwamen we dat projecten naar redenen zochten om af te wijken.
Moed: buiten de kaders durven gaan
De kernwaarde ‘moed’ gaat over hoe je jezelf durft uit te spreken. Voor dit programma betekende dat soms 'grensoverschrijdend' handelen. Niet in negatieve zin, maar juist positief. Buiten de kaders durven gaan. Jezelf uiten. Lef tonen.
Door positief kritisch te zijn op dingen die we 'gewoon' vinden, kregen we nieuwe inzichten. We durfden andere keuzes te maken, waardoor de standaard vakwerkmast beter tot zijn recht komt. Soms lijken het kleine veranderingen, maar uiteindelijk zijn ze groot, noodzakelijk en vernieuwend.
Maar twijfels en onzekerheden horen er ook bij. We hebben vaak gereflecteerd en gespard over inhoudelijke onderwerpen bij elke keuze. Soms trokken we de stoute schoenen aan, en gingen we voorbij aan silo's of aan de verantwoordelijkheden van anderen. Zolang de intentie zuiver is, wordt dat schijnbaar geaccepteerd en brengt dat je soms verder dan het strikt volgen van de processen.
Verbinding: samen verder komen
‘Verbinding’ kun je natuurlijk letterlijk interpreteren: een standaard vakwerkmast beoogt uiteindelijk ook een fysieke verbinding te realiseren. Maar, het betekent ook iets anders, namelijk hoe we met elkaar in verbinding staan.
Samen kom je verder. Maar, soms was het ook nodig om alleen en eigenwijs door te zetten; even uit verbinding. Dat hielp om snelheid te behouden. Toch namen we ook hier de tijd voor uitleg en onderbouwden onze afwegingen goed. Door vragen serieus te nemen konden we op begrip rekenen en bleven we in verbinding met de projecten.
Samenwerking bleek één van de grootste succesfactoren van dit programma. Want zonder jullie was het nooit gelukt. Ik dank jullie daarom van harte voor jullie bijdrage aan dit mooie resultaat.
Mogen 'Eigenaarschap', 'Moed' en 'Verbinding' het nieuwe cultureel erfgoed binnen TenneT worden!’
Meer dan een technisch ontwerp
Het Programma Standaardisatie Vakwerkmasten heeft gezorgd voor een paar belangrijke veranderingen in het beleid. Deze veranderingen staan nu zwart op wit in het document 'TBD.009 - Nettechnisch beoordelingskader voor nieuwe 380/220kV-verbindingen'. Dit document geldt voor alle lopende projecten waarbij bovengrondse 380kV-verbindingen worden gebouwd.
Updates