380 kV Zeeuws-Vlaanderen

De uitkomsten

Dit zijn de meest kansrijke opties

Na ruim twee jaar onderzoek liggen de resultaten op tafel. TenneT en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) onderzochten verschillende routes, stationslocaties en uitvoeringsvarianten. Wat zijn de belangrijkste uitkomsten?

Meer weten

Wilt u meer informatie over welke alternatieven er zijn onderzocht? Bezoek dan de interactieve kaart waar u de verschillende alternatieven kunt bekijken.

Wat betekent dit?

De onderzoeken geven geen definitief besluit. Dat is ook niet de bedoeling in deze fase. Ze beschrijven welke effecten een optie kan hebben op bijvoorbeeld natuur, landschap, geluid en gezondheid. Het onderzoek zelf maakt geen keuze. Op basis van alle onderzoeken, de second opinion en het advies vanuit de regio nemen de minister van Economische Zaken en Klimaat en de staatsecretaris van Klimaat en Groene Groei een voorkeursbeslissing. Lees het artikel: Van onderzoek naar besluit. Zo werkt het.

Een onafhankelijke toets

De onderzoeken zijn niet alleen door TenneT uitgevoerd. Er is ook onafhankelijk naar gekeken. De plan-MER wordt beoordeeld door de Commissie voor de milieueffectrapportage, een onafhankelijk wettelijk adviesorgaan. Specifiek voor het nettechnisch onderzoek heeft het ministerie van EZK daarnaast het onafhankelijke onderzoeksinstituut EPRI gevraagd een second opinion uit te voeren. Die toetst of de aannames, berekeningen en conclusies technisch correct en volledig zijn. De resultaten van beide toetsen worden betrokken bij de verdere keuze van het Rijk.

Routes Zuid-Beveland en Zeeuws-Vlaanderen

Voor de routes zijn zowel bovengrondse als ondergrondse varianten onderzocht. Varianten met een langere route scoren minder goed, vanwege grotere effecten op natuur, landschap en veiligheid. Het meest kansrijke alternatief combineert een tunnel onder de Westerschelde met een zo kort mogelijke route op Zuid-Beveland en stationslocatie 2 op het Valuepark. Dit alternatief scoort op de meeste thema's het beste en heeft de minste negatieve effecten.

Op verzoek van het ministerie van EZK is als uitzondering ook onderzocht of de verbinding op Zuid-Beveland ondergronds kan worden aangelegd, bovenop de ondergrondse kruising van de Westerschelde. Voor de kortste ondergrondse variant, alleen de kruising van de Westerschelde, lijkt ondergrondse aanleg nettechnisch haalbaar, mits de juiste compenserende maatregelen worden getroffen. Voor langere routes zijn de consequenties te groot voor het net. Dit vraagt om grote compensatie-installaties die zelf ook ruimte innemen. De impact van die installaties is in de huidige onderzoeken nog niet in kaart gebracht. Dat komt omdat pas uit het nettechnisch onderzoek is gebleken wat de impact is van een langere ondergrondse verbinding. Zie artikel: Wat betekent ondergronds aanleggen écht?.

Het nieuwe hoogspanningsstation

Van de onderzochte locaties voor het nieuwe hoogspanningsstation scoren locaties in industrieel gebied beter dan locaties in een open landschap. Bij de onderzoeken wordt rekening gehouden met de effecten op landschap, ruimtegebruik en milieueffecten. Een station in een bestaand industrieterrein is minder ingrijpend op het omliggende landschap dan een station op landbouwgrond. Dat betekent niet dat de andere onderzochte locaties al zijn afgevallen. Zo kent bijvoorbeeld de Paulinapolder zijn eigen gevoeligheden. Het gaat om een open, karakteristiek Zeeuws landschap met natuur- en cultuurhistorische waarden. De effecten op al deze locaties zijn zorgvuldig in kaart gebracht en gewogen.

Wat is onderzocht?

In de plan-Milieu-effectrapportage (plan-MER) zijn drie onderdelen onderzocht: de locatie voor een nieuw hoogspanningsstation nabij Terneuzen, de manier waarop de verbinding de Westerschelde kruist, en de routes op Zuid-Beveland en in Zeeuws-Vlaanderen. Al deze varianten zijn beoordeeld op zeven thema's: natuur, landschap en cultuurhistorie, leefomgeving, veiligheid, water en bodem, ruimtegebruik en duurzaamheid. Naast de plan-MER is er een Integrale Effectenanalyse (IEA) uitgevoerd die breder kijkt. Deze analyse kijkt naar technische, economische en maatschappelijke effecten.

De kruising van de Westerschelde

De Westerschelde moet worden gekruist. Daarvoor zijn drie methoden onderzocht: een bovengrondse verbinding, het inbaggeren van kabels in de bodem van de Westerschelde of de aanleg van een tunnel. Uit het onderzoek komt naar voren dat het bovengronds aanleggen heel veel nadelen kent en feitelijk niet haalbaar is. Daarnaast blijkt dat een tunnel beter scoort dan baggeren. Vooral op natuur, veiligheid en onderhoud op de lange termijn. Dat is niet zonder reden. De Westerschelde is een Natura 2000-gebied, een Europees beschermd natuurgebied met bijzondere ecologische waarden. Ingrepen in en rond dit water vragen om grote zorgvuldigheid. Een tunnel is minder ingrijpend voor dit kwetsbare ecosysteem en biedt meer zekerheid bij toekomstig onderhoud. Tegelijkertijd is ook een tunnel een complexe en ingrijpende ingreep, waarvan de effecten op de omgeving nauwkeurig zijn onderzocht.

Dit zijn de meest kansrijke opties

De uitkomsten

Na ruim twee jaar onderzoek liggen de resultaten op tafel. TenneT en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) onderzochten verschillende routes, stationslocaties en uitvoeringsvarianten. Wat zijn de belangrijkste uitkomsten?

380 kV Zeeuws-Vlaanderen

Routes Zuid-Beveland en Zeeuws-Vlaanderen

Voor de routes zijn zowel bovengrondse als ondergrondse varianten onderzocht. Varianten met een langere route scoren minder goed, vanwege grotere effecten op natuur, landschap en veiligheid. Het meest kansrijke alternatief combineert een tunnel onder de Westerschelde met een zo kort mogelijke route op Zuid-Beveland en stationslocatie 2 op het Valuepark. Dit alternatief scoort op de meeste thema's het beste en heeft de minste negatieve effecten.

Op verzoek van het ministerie van EZK is als uitzondering ook onderzocht of de verbinding op Zuid-Beveland ondergronds kan worden aangelegd, bovenop de ondergrondse kruising van de Westerschelde. Voor de kortste ondergrondse variant, alleen de kruising van de Westerschelde, lijkt ondergrondse aanleg nettechnisch haalbaar, mits de juiste compenserende maatregelen worden getroffen. Voor langere routes zijn de consequenties te groot voor het net. Dit vraagt om grote compensatie-installaties die zelf ook ruimte innemen. De impact van die installaties is in de huidige onderzoeken nog niet in kaart gebracht. Dat komt omdat pas uit het nettechnisch onderzoek is gebleken wat de impact is van een langere ondergrondse verbinding. Zie artikel: Wat betekent ondergronds aanleggen écht?.

Meer weten

Wilt u meer informatie over welke alternatieven er zijn onderzocht? Bezoek dan de interactieve kaart waar u de verschillende alternatieven kunt bekijken.

Wat betekent dit?

De onderzoeken geven geen definitief besluit. Dat is ook niet de bedoeling in deze fase. Ze beschrijven welke effecten een optie kan hebben op bijvoorbeeld natuur, landschap, geluid en gezondheid. Het onderzoek zelf maakt geen keuze. Op basis van alle onderzoeken, de second opinion en het advies vanuit de regio nemen de minister van Economische Zaken en Klimaat en de staatsecretaris van Klimaat en Groene Groei een voorkeursbeslissing. Lees het artikel: Van onderzoek naar besluit. Zo werkt het.

Een onafhankelijke toets

De onderzoeken zijn niet alleen door TenneT uitgevoerd. Er is ook onafhankelijk naar gekeken. De plan-MER wordt beoordeeld door de Commissie voor de milieueffectrapportage, een onafhankelijk wettelijk adviesorgaan. Specifiek voor het nettechnisch onderzoek heeft het ministerie van EZK daarnaast het onafhankelijke onderzoeksinstituut EPRI gevraagd een second opinion uit te voeren. Die toetst of de aannames, berekeningen en conclusies technisch correct en volledig zijn. De resultaten van beide toetsen worden betrokken bij de verdere keuze van het Rijk.

Wat is onderzocht?

In de plan-Milieu-effectrapportage (plan-MER) zijn drie onderdelen onderzocht: de locatie voor een nieuw hoogspanningsstation nabij Terneuzen, de manier waarop de verbinding de Westerschelde kruist, en de routes op Zuid-Beveland en in Zeeuws-Vlaanderen. Al deze varianten zijn beoordeeld op zeven thema's: natuur, landschap en cultuurhistorie, leefomgeving, veiligheid, water en bodem, ruimtegebruik en duurzaamheid. Naast de plan-MER is er een Integrale Effectenanalyse (IEA) uitgevoerd die breder kijkt. Deze analyse kijkt naar technische, economische en maatschappelijke effecten.

Het nieuwe hoogspanningsstation

Van de onderzochte locaties voor het nieuwe hoogspanningsstation scoren locaties in industrieel gebied beter dan locaties in een open landschap. Bij de onderzoeken wordt rekening gehouden met de effecten op landschap, ruimtegebruik en milieueffecten. Een station in een bestaand industrieterrein is minder ingrijpend op het omliggende landschap dan een station op landbouwgrond. Dat betekent niet dat de andere onderzochte locaties al zijn afgevallen. Zo kent bijvoorbeeld de Paulinapolder zijn eigen gevoeligheden. Het gaat om een open, karakteristiek Zeeuws landschap met natuur- en cultuurhistorische waarden. De effecten op al deze locaties zijn zorgvuldig in kaart gebracht en gewogen.

De Westerschelde moet worden gekruist. Daarvoor zijn drie methoden onderzocht: een bovengrondse verbinding, het inbaggeren van kabels in de bodem van de Westerschelde of de aanleg van een tunnel. Uit het onderzoek komt naar voren dat het bovengronds aanleggen heel veel nadelen kent en feitelijk niet haalbaar is. Daarnaast blijkt dat een tunnel beter scoort dan baggeren. Vooral op natuur, veiligheid en onderhoud op de lange termijn. Dat is niet zonder reden. De Westerschelde is een Natura 2000-gebied, een Europees beschermd natuurgebied met bijzondere ecologische waarden. Ingrepen in en rond dit water vragen om grote zorgvuldigheid. Een tunnel is minder ingrijpend voor dit kwetsbare ecosysteem en biedt meer zekerheid bij toekomstig onderhoud. Tegelijkertijd is ook een tunnel een complexe en ingrijpende ingreep, waarvan de effecten op de omgeving nauwkeurig zijn onderzocht.

De kruising van de Westerschelde

TenneT Magazines

TenneT komt graag met u in contact. Hieronder vindt u een overzicht van onze online magazines over belangrijke thema’s en ons werk en ontwikkelingen in de regio’s.
Volledig scherm