Participatieplan Net op Zee Doordewind

Wil je alle nieuws en updates lezen over het project?
Kijk dan op de nieuwspagina van het project.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Net op Zee Doordewind om altijd op de hoogte te blijven van de laatste ontwikkelingen.

Nieuws & updates

Maarten Bruggeman is technisch specialist Waddenzee en Noordzeekustzone en is verantwoordelijk voor de coördinatie van de bodemonderzoeken en het aanleggen van de kabels in dit gebied.

Frank besluit: “We begrijpen dat dit onderwerp leeft op het eiland. Daarom nemen we de tijd om beide methoden goed te onderzoeken, in nauwe afstemming met natuurbeheerders en andere partijen zoals gemeente Schiermonnikoog. En heb je suggesties of zorgen? Laat het ons weten, je kunt mailen naar doordewind@tennet.eu. We horen graag ideeën uit de omgeving.”

“De effecten van de verschillende technieken zijn zo verschillend dat we ze op detailniveau uitwerken. Ecologen moeten precies kunnen beoordelen wat de mogelijke effecten zijn.”

“Als je onder het eiland doorgaat, zie je boven de grond bijna niets van de werkzaamheden. Dat voelde voor veel mensen als de beste oplossing.”

Maarten Bruggeman en Frank Timmer

De twee mogelijke routes

Meer informatie

Door u in te schrijven voor de nieuwsbrief van Net op Zee Doordewind blijft u altijd op de hoogte van de laatste ontwikkelingen.

Meer informatie over het participatieproces en hoe u kunt meedenken is te vinden in het online participatieplan.

Wilt u alle informatie en updates lezen over het project?
Kijk dan op de projectpagina van Net op Zee Doordewind.

Heeft u suggesties of een vraag? Laat het ons weten, u kunt mailen naar doordewind@tennet.eu. We horen graag ideeën uit de omgeving.

Wie zijn Frank Timmer en Maarten Bruggeman?

Frank Timmer is projectleider van het project Net op Zee Doordewind in de planfase en daarmee onder andere verantwoordelijk voor de milieuonderzoeken, planning en voortgang van het project.

Onderzoek met respect voor natuur

Schiermonnikoog bestaat grotendeels uit ongerepte natuur. Het grootste deel van het eiland, de Noordzeekustzone en de Waddenzee ligt in een Natura 2000-gebied, de Waddenzee is UNESCO Werelderfgoed. Schiermonnikoog is daarnaast Nationaal Park. Daarom worden alle onderzoeken die nodig zijn voor het vergelijken van de aanlegmethoden met extra zorg uitgevoerd.

Het gaat om twee verschillende onderzoeken. NextGeo Solutions onderzoekt hoe de ondergrond is opgebouwd en hoe sterk die is. Zo wordt duidelijk hoe de kabels veilig kunnen worden aangelegd, met zo min mogelijk impact op de omgeving. Ecologen van Arcadis brengen in kaart welke natuurwaarden er zijn, welke soorten planten en dieren voor kunnen komen en hoe snel de natuur zich kan herstellen na de werkzaamheden.

Deze informatie wordt gecombineerd met de manier waarop TenneT en de aannemer het werk willen uitvoeren. Zo ontstaat een goed beeld van de effecten van de verschillende aanlegmethoden en van de hersteltijd van het gebied.

Tijdens veldbezoeken worden de ecologen van Arcadis begeleid door beheerders, waaronder Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat. Zij kennen het gebied en de natuur goed en kunnen wijzen op specifieke kenmerken die belangrijk zijn voor het onderzoek. Frank waardeert de inzet van onder meer Natuurmonumenten. “Ondanks hun bedenkingen bij het tracé via Schiermonnikoog, hebben zij ons begeleid en toegang verleend tot het natuurgebied tijdens het veldbezoek in november 2025. Dit helpt ons om het onderzoek zorgvuldig en natuurbewust uit te voeren.”

Daarnaast maakt TenneT gebruik van kennis van wetenschappelijke instituten via de Waddenacademie. Die kennis helpt om ontbrekende informatie aan te vullen en ondersteunt het onderzoek naar de effecten van de werkzaamheden en het herstel van de natuur.

Frank legt uit waarom dit detailniveau nodig is: “De effecten van de verschillende technieken zijn zo verschillend dat we ze op detailniveau uitwerken. Ecologen moeten precies kunnen beoordelen wat de mogelijke effecten zijn.

Tijdens de onderzoeken op Schiermonnikoog houdt TenneT nauwlettend rekening met de natuur. Alles gebeurt op een manier die de omgeving zo min mogelijk verstoort. Maarten vertelt hoe dat in de praktijk gaat: “We sluiten zoveel mogelijk aan op bestaande sporen en gaan te voet waar dat kan. “Machines gebruiken we alleen wanneer dat echt nodig is en dan het liefst elektrisch. Zo halen we de informatie op met zo min mogelijk verstoring in het gebied.”

De werkwijze wordt afgestemd met de gemeente Schiermonnikoog en Natuurmonumenten en zo gepland dat de natuur zo min mogelijk wordt belast. Dat gebeurt door onderzoeken zorgvuldig te plannen buiten broedseizoenen, voedselgebieden en veilige rustplekken die vogels bij hoogwater gebruiken.

Wat gebeurt er tijdens de onderzoeken?

Op een aantal plaatsen wordt met een elektrische sondeerwagen (rupsvoertuig) de bodem onderzocht met een meetsonde. De metingen vindenplaats op paden/bestaande sporen. Daarnaast onderzoekt een team van ecologen de effecten op de bodem en vegetatie die mogelijk optreden bij het rijden met een rupsvoertuig over de kwelder.

Wat kunt u ervan merken?
U kunt onderzoekers (gemiddeld 4), kleine meetopstellingen en voertuigen zien op het eiland. Op het strand komen tijdelijke voorzieningen voor de onderzoekers zoals een schaftkeet en mobiele toiletten (Dixies).

Wanneer vinden ze plaats?
De veld- en bodemonderzoeken duren ongeveer een maand, vinden vanaf februari 2026 plaats en zijn voor het broedseizoen afgerond.

Hoe gaat het verder en hoe kan iedereen meedenken?

In maart 2026 verschijnt de concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau (concept-NRD). Dit is een voorlopig onderzoeksplan voor een milieueffectrapportage (MER). In het concept-NRD staat welke aanvullende onderzoeken we voorstellen en hoe de twee methoden verder worden uitgewerkt. Deze concept onderzoeksagenda wordt gepubliceerd en daarop kan iedereen reageren voordat het definitieve plan wordt vastgesteld.

Rond de zomer worden de eerste voorlopige resultaten van de onderzoeken verwacht.

Eind 2026 volgt het milieueffectrapport (MER).

Daarna volgt de verdere uitwerking richting vergunningaanvragen en besluitvorming.

Wat we afwegen: natuur, techniek, veiligheid, tijd en hinder

In de uiteindelijke milieueffectrapportage (MER) worden beide methoden naast elkaar gezet. Arcadis beoordeelt als onafhankelijk adviesbureau de methoden op effecten op natuur en landschap, herstelbaarheid en hersteltijd, bodem en water, veiligheid, (geluids)hinder en technische uitvoerbaarheid. “Kosten spelen in deze fase geen belangrijke rol,” legt Maarten uit. ”In eerste instantie gaat het om de technische uitvoerbaarheid en de ecologische impact.”

Uitgebreid onderzoek naar twee methoden

Lange tijd leek het de beste manier: met horizontaal gestuurde boringen onder Schiermonnikoog door. Met deze techniek komt aan de zuidkant en de noordkant van het eiland een werkterrein. Via meerdere boringen worden mantelbuizen aangebracht. In een latere fase worden daar de kabels in ingetrokken.

“Het idee daarachter is logisch,” zegt Frank. “Als je onder het eiland doorgaat, zie je boven de grond bijna niets van de werkzaamheden. Dat voelde voor veel mensen als de beste oplossing.”

Bij het verder uitwerken bleken er ook nadelen te zijn. Boorinstallaties en werkterreinen blijven langere tijd aanwezig en beïnvloeden de natuur en rust op het eiland. De boringen en het intrekken van de mantelbuizen duurt meerdere maanden. In een daaropvolgend seizoen worden de kabels in de mantelbuizen getrokken.

Daarnaast kwam vanuit de omgeving de wens om ook andere methoden te onderzoeken met mogelijk minder effecten. Daarom wordt nu een tweede methode even uitgebreid onderzocht: aanleg van de kabels met een speciaal voertuig, de trencher, over het eiland. De trencher wordt uitgerust met brede rupsbanden, waardoor de gronddruk minimaal is en de bodem en vegetatie zo min mogelijk worden beschadigd. Met een frees wordt in één beweging een smalle sleuf in de bodem gemaakt, waarna de kabels direct op diepte worden gelegd en grond weer op de kabels wordt aangebracht.

Die techniek willen we al toepassen in de Waddenzee om kabels, met zo min mogelijk effecten, in de bodem te leggen. De vraag is nu of deze methode ook geschikt is voor het kruisen van Schiermonnikoog.

“Aanleg met de trencher lijkt in enkele weken te kunnen. Bij de gestuurde boringen praat je over vele maanden,” vertelt Maarten Bruggeman, technisch specialist Waddenzee en Noordzeekustzone. “Maar de effecten op de natuur verschillen sterk tussen de twee technieken. We weten nog niet van de impact van deze effecten op de omgeving is. Daarom is zorgvuldig onderzoek naar beide methoden nodig.”

Voor het project Net op Zee Doordewind werkt TenneT stap voor stap aan de route van zee naar de Eemshaven. Een belangrijk onderdeel daarvan is het kruisen van Schiermonnikoog. TenneT doet zorgvuldig onderzoek naar twee aanlegmethoden, om te bepalen welke methode zo min mogelijk gevolgen heeft voor de natuur en het landschap en daarnaast hinder op het eiland zoveel mogelijk beperkt.
“We doen er alles aan om de effecten te minimaliseren. En we willen transparant laten zien welke keuzes we daarbij maken,” zegt projectleider Frank Timmer.
Zorgvuldig onderzoek naar kruisen Schiermonnikoog met de minste gevolgen voor natuur

Wil je alle nieuws en updates lezen over het project?
Kijk dan op de nieuwspagina van het project.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Net op Zee Doordewind om altijd op de hoogte te blijven van de laatste ontwikkelingen.

Participatieplan Net op Zee Doordewind

Nieuws & updates

Wilt u alle informatie en updates lezen over het project?
Kijk dan op de projectpagina van Net op Zee Doordewind.

Heeft u suggesties of een vraag? Laat het ons weten, u kunt mailen naar doordewind@tennet.eu. We horen graag ideeën uit de omgeving.

Frank besluit: “We begrijpen dat dit onderwerp leeft op het eiland. Daarom nemen we de tijd om beide methoden goed te onderzoeken, in nauwe afstemming met natuurbeheerders en andere partijen zoals gemeente Schiermonnikoog. En heb je suggesties of zorgen? Laat het ons weten, je kunt mailen naar doordewind@tennet.eu. We horen graag ideeën uit de omgeving.”

Maarten Bruggeman is technisch specialist Waddenzee en Noordzeekustzone en is verantwoordelijk voor de coördinatie van de bodemonderzoeken en het aanleggen van de kabels in dit gebied.

Meer informatie over het participatieproces en hoe u kunt meedenken is te vinden in het online participatieplan.

Door u in te schrijven voor de nieuwsbrief van Net op Zee Doordewind blijft u altijd op de hoogte van de laatste ontwikkelingen.

Wat gebeurt er tijdens de onderzoeken?

Op een aantal plaatsen wordt met een elektrische sondeerwagen (rupsvoertuig) de bodem onderzocht met een meetsonde. De metingen vindenplaats op paden/bestaande sporen. Daarnaast onderzoekt een team van ecologen de effecten op de bodem en vegetatie die mogelijk optreden bij het rijden met een rupsvoertuig over de kwelder.

Wat kunt u ervan merken?
U kunt onderzoekers (gemiddeld 4), kleine meetopstellingen en voertuigen zien op het eiland. Op het strand komen tijdelijke voorzieningen voor de onderzoekers zoals een schaftkeet en mobiele toiletten (Dixies).

Wanneer vinden ze plaats?
De veld- en bodemonderzoeken duren ongeveer een maand, vinden vanaf februari 2026 plaats en zijn voor het broedseizoen afgerond.

De twee mogelijke routes

Maarten Bruggeman en Frank Timmer

Meer informatie
Wie zijn Frank Timmer en Maarten Bruggeman?

Frank Timmer is projectleider van het project Net op Zee Doordewind in de planfase en daarmee onder andere verantwoordelijk voor de milieuonderzoeken, planning en voortgang van het project.

Hoe gaat het verder en hoe kan iedereen meedenken?

In maart 2026 verschijnt de concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau (concept-NRD). Dit is een voorlopig onderzoeksplan voor een milieueffectrapportage (MER). In het concept-NRD staat welke aanvullende onderzoeken we voorstellen en hoe de twee methoden verder worden uitgewerkt. Deze concept onderzoeksagenda wordt gepubliceerd en daarop kan iedereen reageren voordat het definitieve plan wordt vastgesteld.

Rond de zomer worden de eerste voorlopige resultaten van de onderzoeken verwacht.

Eind 2026 volgt het milieueffectrapport (MER).

Daarna volgt de verdere uitwerking richting vergunningaanvragen en besluitvorming.

Wat we afwegen: natuur, techniek, veiligheid, tijd en hinder

In de uiteindelijke milieueffectrapportage (MER) worden beide methoden naast elkaar gezet. Arcadis beoordeelt als onafhankelijk adviesbureau de methoden op effecten op natuur en landschap, herstelbaarheid en hersteltijd, bodem en water, veiligheid, (geluids)hinder en technische uitvoerbaarheid. “Kosten spelen in deze fase geen belangrijke rol,” legt Maarten uit. ”In eerste instantie gaat het om de technische uitvoerbaarheid en de ecologische impact.”

Onderzoek met respect voor natuur

Schiermonnikoog bestaat grotendeels uit ongerepte natuur. Het grootste deel van het eiland, de Noordzeekustzone en de Waddenzee ligt in een Natura 2000-gebied, de Waddenzee is UNESCO Werelderfgoed. Schiermonnikoog is daarnaast Nationaal Park. Daarom worden alle onderzoeken die nodig zijn voor het vergelijken van de aanlegmethoden met extra zorg uitgevoerd.

Het gaat om twee verschillende onderzoeken. NextGeo Solutions onderzoekt hoe de ondergrond is opgebouwd en hoe sterk die is. Zo wordt duidelijk hoe de kabels veilig kunnen worden aangelegd, met zo min mogelijk impact op de omgeving. Ecologen van Arcadis brengen in kaart welke natuurwaarden er zijn, welke soorten planten en dieren voor kunnen komen en hoe snel de natuur zich kan herstellen na de werkzaamheden.

Deze informatie wordt gecombineerd met de manier waarop TenneT en de aannemer het werk willen uitvoeren. Zo ontstaat een goed beeld van de effecten van de verschillende aanlegmethoden en van de hersteltijd van het gebied.

Tijdens veldbezoeken worden de ecologen van Arcadis begeleid door beheerders, waaronder Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat. Zij kennen het gebied en de natuur goed en kunnen wijzen op specifieke kenmerken die belangrijk zijn voor het onderzoek. Frank waardeert de inzet van onder meer Natuurmonumenten. “Ondanks hun bedenkingen bij het tracé via Schiermonnikoog, hebben zij ons begeleid en toegang verleend tot het natuurgebied tijdens het veldbezoek in november 2025. Dit helpt ons om het onderzoek zorgvuldig en natuurbewust uit te voeren.”

Daarnaast maakt TenneT gebruik van kennis van wetenschappelijke instituten via de Waddenacademie. Die kennis helpt om ontbrekende informatie aan te vullen en ondersteunt het onderzoek naar de effecten van de werkzaamheden en het herstel van de natuur.

Frank legt uit waarom dit detailniveau nodig is:

“De effecten van de verschillende technieken zijn zo verschillend dat we ze op detailniveau uitwerken. Ecologen moeten precies kunnen beoordelen wat de mogelijke effecten zijn.

Tijdens de onderzoeken op Schiermonnikoog houdt TenneT nauwlettend rekening met de natuur. Alles gebeurt op een manier die de omgeving zo min mogelijk verstoort. Maarten vertelt hoe dat in de praktijk gaat: “We sluiten zoveel mogelijk aan op bestaande sporen en gaan te voet waar dat kan. “Machines gebruiken we alleen wanneer dat echt nodig is en dan het liefst elektrisch. Zo halen we de informatie op met zo min mogelijk verstoring in het gebied.”

De werkwijze wordt afgestemd met de gemeente Schiermonnikoog en Natuurmonumenten en zo gepland dat de natuur zo min mogelijk wordt belast. Dat gebeurt door onderzoeken zorgvuldig te plannen buiten broedseizoenen, voedselgebieden en veilige rustplekken die vogels bij hoogwater gebruiken.

Uitgebreid onderzoek naar twee methoden

Lange tijd leek het de beste manier: met horizontaal gestuurde boringen onder Schiermonnikoog door. Met deze techniek komt aan de zuidkant en de noordkant van het eiland een werkterrein. Via meerdere boringen worden mantelbuizen aangebracht. In een latere fase worden daar de kabels in ingetrokken.

“Het idee daarachter is logisch,” zegt Frank. “Als je onder het eiland doorgaat, zie je boven de grond bijna niets van de werkzaamheden. Dat voelde voor veel mensen als de beste oplossing.”

Bij het verder uitwerken bleken er ook nadelen te zijn. Boorinstallaties en werkterreinen blijven langere tijd aanwezig en beïnvloeden de natuur en rust op het eiland. De boringen en het intrekken van de mantelbuizen duurt meerdere maanden. In een daaropvolgend seizoen worden de kabels in de mantelbuizen getrokken.

Daarnaast kwam vanuit de omgeving de wens om ook andere methoden te onderzoeken met mogelijk minder effecten. Daarom wordt nu een tweede methode even uitgebreid onderzocht: aanleg van de kabels met een speciaal voertuig, de trencher, over het eiland. De trencher wordt uitgerust met brede rupsbanden, waardoor de gronddruk minimaal is en de bodem en vegetatie zo min mogelijk worden beschadigd. Met een frees wordt in één beweging een smalle sleuf in de bodem gemaakt, waarna de kabels direct op diepte worden gelegd en grond weer op de kabels wordt aangebracht.

Die techniek willen we al toepassen in de Waddenzee om kabels, met zo min mogelijk effecten, in de bodem te leggen. De vraag is nu of deze methode ook geschikt is voor het kruisen van Schiermonnikoog.

“Aanleg met de trencher lijkt in enkele weken te kunnen. Bij de gestuurde boringen praat je over vele maanden,” vertelt Maarten Bruggeman, technisch specialist Waddenzee en Noordzeekustzone. “Maar de effecten op de natuur verschillen sterk tussen de twee technieken. We weten nog niet van de impact van deze effecten op de omgeving is. Daarom is zorgvuldig onderzoek naar beide methoden nodig.”

Voor het project Net op Zee Doordewind werkt TenneT stap voor stap aan de route van zee naar de Eemshaven. Een belangrijk onderdeel daarvan is het kruisen van Schiermonnikoog. TenneT doet zorgvuldig onderzoek naar twee aanlegmethoden, om te bepalen welke methode zo min mogelijk gevolgen heeft voor de natuur en het landschap en daarnaast hinder op het eiland zoveel mogelijk beperkt.
“We doen er alles aan om de effecten te minimaliseren. En we willen transparant laten zien welke keuzes we daarbij maken,” zegt projectleider Frank Timmer.
Zorgvuldig onderzoek naar kruisen Schiermonnikoog met de minste gevolgen voor natuur

TenneT Magazines

TenneT komt graag met u in contact. Hieronder vindt u een overzicht van onze online magazines over belangrijke thema’s en ons werk en ontwikkelingen in de regio’s.
Volledig scherm