In Contact magazine Noord-Nederland legt grid planning & analysing specialist Peter Kettelarij van TenneT aan de hand van vijf vragen uit wat deelnetten zijn.
Ons hoogspanningsnet is historisch gezien onderverdeeld in negen deelnetten, die grotendeels samenvallen met onze provincies. Een aantal van deze deelnetten is inmiddels opgedeeld in kleinere deelnetten, zodat we op dit moment 14 elektrische deelnetten hebben. We werken toe naar een nog veel fijnmaziger netwerk in 2045. Dit noemen we ons Target Grid. Hoewel Target Grid meer is dan alleen de opsplitsing in deelnetten: het is de visie op ons toekomstig elektriciteitssysteem op land en zee.
Netcongestie
Ieder kleiner deelnet, bestaande uit 110 of 150 kV-verbindingen, moet zijn eigen aansluiting met het ‘bovenliggende’ 380 of 220 kV-hoogspanningsnet hebben. Dit gaat via een zogeheten koppelstation. Om naar meer deelnetten te gaan, moeten er meer van deze aansluitingen of koppelstations komen. In de praktijk betekent dit het versterken van een bestaand 150 kV-station of het bijbouwen van een nieuw 380 kV-station. De maximale transportcapaciteit van een deelnet wordt vervolgens bepaald door de capaciteit van deze koppelpunten.
Om de impact van netcongestie nog kleiner te maken gaan we ons net nog verder opknippen. We kijken per deelnet hoe we congestie kunnen aanpakken en zoveel mogelijk klanten in dat gebied kunnen aansluiten.
Een deelnet is een afgebakend netdeel dat elektrotechnisch losgekoppeld is van de rest van het net, dus apart bestuurbaar. Het voordeel van kleinere deelnetten is dat een eventuele verstoring regionaal wordt opgelost en geen landelijke impact hoeft te hebben. Tegelijkertijd is het nog steeds zo dat congestie in een deel van een deelnet, impact heeft op het hele deelnet. Neem als voorbeeld de problemen in het deelnet Flevopolder, Gelderland, Utrecht. Het zwaartepunt van de congestie doet zich voor in een deel van de provincie Utrecht. Maar het gehele deelnet heeft hier last van.
Een vermaasd net is een integraal aan elkaar verbonden netwerk voorzien van twee of meerdere aansluitingen met het 380 kV-hoogspanningsnet. Dit is bijvoorbeeld het geval in het deelnet FGU en Zuid-Holland. Deze aansluitingen op het 380 kV-hoogspanningsnet zijn elkaars back-up. Alle stromen kunnen in een vermaasd net alle kanten op en kiezen de weg van de minste weerstand. We noemen dit ook wel het waterbed-effect.
Ons hoogspanningsnet is historisch gezien onderverdeeld in negen deelnetten. Om de impact van netcongestie kleiner te maken gaan we ons net opknippen in meerdere deelnetten.
Toekomstige situatie Haven Rotterdam met meerdere deelnetten
Huidige situatie Haven Rotterdam
Ons hoogspanningsnet is historisch gezien onderverdeeld in negen deelnetten, die grotendeels samenvallen met onze provincies. Een aantal van deze deelnetten is inmiddels opgedeeld in kleinere deelnetten, zodat we op dit moment 14 elektrische deelnetten hebben. We werken toe naar een nog veel fijnmaziger netwerk in 2045. Dit noemen we ons Target Grid. Hoewel Target Grid meer is dan alleen de opsplitsing in deelnetten: het is de visie op ons toekomstig elektriciteitssysteem op land en zee.
Ieder kleiner deelnet, bestaande uit 110 of 150 kV-verbindingen, moet zijn eigen aansluiting met het ‘bovenliggende’ 380 of 220 kV-hoogspanningsnet hebben. Dit gaat via een zogeheten koppelstation. Om naar meer deelnetten te gaan, moeten er meer van deze aansluitingen of koppelstations komen. In de praktijk betekent dit het versterken van een bestaand 150 kV-station of het bijbouwen van een nieuw 380 kV-station. De maximale transportcapaciteit van een deelnet wordt vervolgens bepaald door de capaciteit van deze koppelpunten.
Huidige situatie Haven Rotterdam
Toekomstige situatie Haven Rotterdam met meerdere deelnetten
Een vermaasd net is een integraal aan elkaar verbonden netwerk voorzien van twee of meerdere aansluitingen met het 380 kV-hoogspanningsnet. Dit is bijvoorbeeld het geval in het deelnet FGU en Zuid-Holland. Deze aansluitingen op het 380 kV-hoogspanningsnet zijn elkaars back-up. Alle stromen kunnen in een vermaasd net alle kanten op en kiezen de weg van de minste weerstand. We noemen dit ook wel het waterbed-effect.
Om de impact van netcongestie nog kleiner te maken gaan we ons net nog verder opknippen. We kijken per deelnet hoe we congestie kunnen aanpakken en zoveel mogelijk klanten in dat gebied kunnen aansluiten.
Een deelnet is een afgebakend netdeel dat elektrotechnisch losgekoppeld is van de rest van het net, dus apart bestuurbaar. Het voordeel van kleinere deelnetten is dat een eventuele verstoring regionaal wordt opgelost en geen landelijke impact hoeft te hebben. Tegelijkertijd is het nog steeds zo dat congestie in een deel van een deelnet, impact heeft op het hele deelnet. Neem als voorbeeld de problemen in het deelnet Flevopolder, Gelderland, Utrecht. Het zwaartepunt van de congestie doet zich voor in een deel van de provincie Utrecht. Maar het gehele deelnet heeft hier last van.
Netcongestie
Ons hoogspanningsnet is historisch gezien onderverdeeld in negen deelnetten. Om de impact van netcongestie kleiner te maken gaan we ons net opknippen in meerdere deelnetten.
In Contact magazine Noord-Nederland legt grid planning & analysing specialist Peter Kettelarij van TenneT aan de hand van vijf vragen uit wat deelnetten zijn.